Tagarchief: masseurs netwerk nederland

Preventie van hart- en vaatziekten

Inleiding

Het nationaal preventieakkoord is door de overheid gesloten om de gezondheid van veel Nederlanders te verbeteren. Het preventieakkoord bestaat uit gezamenlijke afspraken tussen verschillende organisaties, zoals zorgorganisaties, gemeenten en onderwijsinstellingen, onder andere op het gebied van gezonde voeding en roken. Zo wordt de prijs van tabak verhoogd, wordt roken op sportverenigingen teruggedrongen en bieden scholen, ziekenhuizen en sportclubs gezondere voeding aan (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport). In dit artikel zullen we specifiek ingaan op de preventie van hart- en vaatziekten.

Hart- en vaatziekten

Hart- en vaatziekten zijn na kanker de belangrijkste doodsoorzaak in Nederland (Buddeke et al. 2017), terwijl hart- en vaatziekten wereldwijd de belangrijkste doodsoorzaak zijn (American Heart Association 2018). In 2016 overleden in Nederland 38.613 mensen aan hart- en vaatziekten (Buddeke et al. 2017). Wereldwijd overleden er in dat jaar 17.9 miljoen mensen aan hart- en vaatziekten, wat neerkomt op 31% van alle sterfgevallen wereldwijd (World Health Organization 2017). In de EU waren hart- en vaatziekten in 2015 verantwoordelijk voor 1.91 miljoen sterfgevallen, wat neerkomt op bijna 37% van alle sterfgevallen dat jaar. (Eurostat 2018).

In 2010 waren de totale kosten, wereldwijd, als gevolg van hart- en vaatziekten naar schatting 836 miljard dollar en wordt er verwacht dat deze kosten de komende jaren zullen stijgen (American Heart Association 2017). In Nederland bedroegen in 2015 de totale kosten van zorg aan patiënten met hart- en vaatziekten 11.6 miljard euro, goed voor 13.6% van de totale kosten voor de Nederlandse gezondheidszorg (RIVM).

Sommige hart- en vaatziekten, zoals hartfalen, wanneer het hart verminderde pompkracht heeft (Thuisarts), en hoge bloeddruk, zijn chronisch (Ramani et al. 2010; Roger 2013) en vereisen een levenslange behandeling (Brouwer et al. 2015; Mayoclinic 2017). Volgens de Hartstichting is er sprake van een hoge bloeddruk als de bovendruk hoger is dan 140 mmHg en/of de onderdruk hoger is dan 90 mmHg (Hartstichting 1).

Risicofactoren voor hart- en vaatziekten zijn onder andere een hoge bloeddruk, roken, fysieke inactiviteit, obesitas en een ongezond dieet (Balakumar et al. 2016).
Inspelen op deze risicofactoren, bijvoorbeeld door aanpassingen in de levensstijl, kan bijdragen aan de preventie van hart- en vaatziekten (Leong et al. 2017).

Interventies gericht op de preventie van hart- en vaatziekten kunnen zelfs even effectief zijn als behandeling met geneesmiddelen (Fokkema et al.), en kunnen toegepast worden op meerdere gebieden. Zo kunnen interventies gericht zijn op voeding en beweging (Fokkema et al. 2005; den Engelsen et al. 2014), maar ook op stoppen met roken (Stewart et al. 2017) en het voorkomen of verminderen van obesitas (Poirier et al. 2006). In dit artikel zullen we aan de hand van 4 leefstijlinterventies (stoppen met roken; gezonde voeding; voldoende beweging; voorkomen van Obesitas) ingaan op de preventie van hart- en vaatziekten. Dit zullen we doen aan de hand van beschikbare wetenschappelijke literatuur en interviews met verschillende experts en instanties.

Roken

Roken levert een groot gezondheidsrisico op en is een van de belangrijkste risicofactoren voor hart- en vaatziekten (Ambrose & Barua 2004; Balakumar et al. 2016). Jaarlijks overlijden er zo’n 6 miljoen mensen aan roken (Messner & Bernhard 2014). Volgens longarts Wanda de Kanter overlijden 2 op de 3 rokers op een manier die gerelateerd is aan roken. Ongeveer 10% van alle hart- en vaatziekten worden veroorzaakt door roken (Messner & Bernhard 2014).

In verschillende studies is het verband tussen roken en atherosclerose ((slag)aderverkalking), trombose en het krijgen van een hartinfarct aangetoond (Ambrose & Barua 2004). Ook zorgt roken voor een verminderd vermogen van bloedvaten om te verwijden en te vernauwen (Ambrose & Barua 2004). Stoppen met roken zorgt voor een sterk verminderd risico op een hartinfarct, waarbij na 5 jaar gestopt te zijn het risiconiveau van een niet-roker kan worden benaderd (Ambrose & Barua 2004). Volgens longarts Wanda de Kanter daalt het risico op hart- en vaatziekten snel na stoppen met roken, mits er geen schade is ontstaan.

In een systematische review en meta-analyse onderzochten Pan et al. (2015) de relatie tussen roken en hart- en vaatziekten bij diabetespatiënten. Roken komt veel voor onder diabetespatiënten, onder jongvolwassenen zelfs meer bij diabetespatiënten vergeleken met niet-diabetespatiënten (Pan et al. 2015). In totaal werden er 89 studies opgenomen in deze review. Uit de resultaten bleek dat roken leidt tot een verhoogd risico op overlijden en hart- en vaatziekten bij diabetespatiënten, zowel bij patiënten met diabetes type 1 als bij patiënten met diabetes type 2 (Pan et al. 2015).

Vidyasagaran et al. (2016) onderzochten de relatie tussen het gebruik van “smokeless tobacco”, zoals kauwtabak en snuiftabak (website American cancer society), en hart- en vaatziekten in een systematische review en meta-analyse. Wereldwijd zijn er zo’n 300 miljoen gebruikers van “smokeless tobacco” (Vidyasagaran et al. 2016). 20 studies werden opgenomen in deze review en meta-analyse. Uit de resultaten bleek dat het gebruik van “smokeless tobacco” het risico op hart- en vaatziekten en beroertes verhoogde (Vidyasagaran et al. 2016). Het gebruik van “smokeless tobacco” is daarom geen veilig alternatief voor roken (American Cancer Society 2015).

Roken is dus een belangrijke risicofactor voor hart- en vaatziekten, maar is tegelijk een te voorkomen risicofactor door niet te roken of te stoppen met roken. Stoppen met roken leidt tot een verlaagd risico op hart- en vaatziekten. Volgens de Boer (2016) is het belangrijk dat huisartsen hun patiënten screenen op risicofactoren voor hart- en vaatziekten en hen wijzen op mogelijke preventieprogramma’s, zoals leefstijlinterventies, om deze risicofactoren te verminderen. Ook als masseur kunt u cliënten die roken wijzen op het risico van roken met betrekking tot hart- en vaatziekten en hen doorverwijzen naar hun huisarts, die weer kan doorverwijzen naar de longarts of de Stoppen met Roken Poli in het ziekenhuis.

Gezonde voeding

Ook interventies op het gebied van voeding zijn effectief gebleken voor de preventie van hart- en vaatziekten (Fokkema et al. 2005; Den Engelsen et al. 2014). Een van de bekendste interventies op het gebied van voeding is het verminderen van de zoutinname (Ravera et al. 2016)

In een studie naar het effect van voeding en het risico op hart- en vaatziekten bij patiënten met slaapapneu werd een koolhydraatarm dieet onderzocht (Dobrosielski et al. 2017). Dit dieet leidde onder andere tot gewichtsverlies, wat het risico op hart- en vaatziekten vermindert. Ook bleek een koolhydraatarm dieet positieve effecten te hebben bij patiënten met diabetes type 2, zoals een lagere bloedglucosespiegel in nuchtere toestand (Dobrosielski et al. 2017).

Er worden verschillende adviezen gegeven over gezonde voeding met betrekking tot het risico op hart- en vaatziekten. De “European Society of Cardiology” (ESC) adviseert onder andere een gematigde zoutinname (<5 gram per dag), het eten van voldoende groente en fruit (2-3 stuks fruit en 200 gram groente per dag), het eten van vezels, ongezouten noten en het eten van vis (1 tot 2 keer per week, waarvan 1 keer vette vis) (Piepoli et al. 2016). Ook zou volgens de ESC maximaal 10% van de dagelijkse energie-inname uit verzadigde vetzuren afkomstig moeten zijn. Dit kan bewerkstelligt worden door verzadigde vetzuren te vervangen door meervoudig onverzadigde vetzuren. Transvetten moeten zoveel mogelijk vermeden worden (Piepoli et al. 2016). Ook wordt aangeraden dat mannen en vrouwen respectievelijk hooguit 2 en 1 alcoholische consumptie(s) per dag nuttigen. Het nuttigen van alcohol en suikerhoudende frisdrank wordt sowieso afgeraden (Piepoli et al. 2016). De “American Heart Association” (AHA) beveelt slechts 5-6% van de dagelijkse energieconsumptie afkomstig uit verzadigd vet aan. Volgens de AHA is de maximaal aanbevolen hoeveelheid zout slechts 2.4 gram voor mensen die baat hebben bij een lagere bloeddruk (Eckel et al. 2014).
In het algemeen wordt het eten van meer plantaardig voedsel, het dagelijks consumeren van zuivel en wekelijks vis eten aanbevolen (Geleijnse 2016). Ook wordt aanbevolen weinig zout en suikerhoudende frisdranken te consumeren (Geleijnse 2016).

Interventies op het gebied van voeding zijn effectief voor het voorkomen van hart- en vaatziekten. Het eten van voldoende groente en fruit, het matigen van de zoutinname, het eten van vis en het matigen van de consumptie van alcohol en suikerhoudende frisdranken kunnen bijdragen aan het voorkomen van hart- en vaatziekten. Als masseur kunt u uw cliënten wijzen op het belang van gezonde voeding.

Beweging

Ook fysieke inactiviteit is een risicofactor voor hart- en vaatziekten (Balakumar et al. 2016). Interventies voor de preventie van hart- en vaatziekten kunnen onder andere gericht zijn op beweging (Fokkema et al. 2005; den Engelsen et al. 2014). Voldoende bewegen kan bijdragen aan het voorkomen van verschillende aandoeningen, waaronder hart- en vaatziekten (Preller et al. 2018). Bij hart- en vaatziekten is het belangrijk dat er overleg plaatsvindt met een cardioloog en dat er een inspanningstest gedaan wordt voor er begonnen wordt met trainen, stelt het Kenniscentrum Sport.

Fysieke activiteit draagt bij aan de preventie van hart- en vaatziekten op meerdere manieren. Regelmatige fysieke activiteit zorgt voor een vermindering van risicofactoren voor hart- en vaatziekten, zoals een hoge bloeddruk, gewichtstoename en diabetes (Alves et al. 2016). Ook zorgt fysieke activiteit voor een verbeterde fysieke fitheid, wat leidt minder last hebben van de gevolgen van hart- en vaatziekten (Alves et al. 2016). Uit onderzoeken blijkt dat meer fysieke activiteit leidt tot lagere risico’s op hart- en vaatziekten en een verlaging van de bloeddruk (Alves et al. 2016). Beweging draagt ook bij aan de secundaire preventie van hart- en vaatziekten, door de impact van de ziekte te verminderen, de voortgang van de ziekte te vertragen en herhaling te voorkomen (Alves et al. 2016).

Voor volwassenen wordt tenminste 150 minuten inspanning op matige intensiteit of 75 minuten inspanning op hoge intensiteit per week aanbevolen (Alves et al. 2016). Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG 2015) stelt in hun beweegnorm dat volwassenen tenminste 5 dagen per week een half uur matig intensieve activiteit, zoals wandelen of fietsen, moeten halen. Voor ouderen (55+) wordt aangeraden 7 dagen per week een half uur matig intensief te bewegen en ten minste 2 keer per week krachtoefeningen te doen (NHG 2015). Zowel voldoende beweging als krachttraining is dus van belang.

Naast te weinig lichaamsbeweging is ook sedentaire (zittende/inactieve) tijd een risicofactor voor hart- en vaatziekten (Despres 2016). Onder sedentaire tijd valt onder andere tijd die zittend wordt doorgebracht (Despres 2016). Het is mogelijk om genoeg te bewegen, maar toch teveel tijd per dag sedentair door te brengen (Despres 2016). Daarom is het ook belangrijk om de sedentaire tijd per dag op te breken, bijvoorbeeld door minder te zitten tijdens werkuren. Dit kan bijvoorbeeld door staand te werken, gebruik te maken van een zit-sta bureau en af en toe te lopen tijdens het werk (Despres 2016).

Door voldoende te bewegen en door de sedentaire tijd per dag te verminderen kan het risico op hart- en vaatziekten verlaagd worden. Als masseur kunt u uw cliënten wijzen op het belang van voldoende beweging en het risico van inactiviteit.

Obesitas

Het aantal mensen met obesitas neemt wereldwijd toe (Ortega et al. 2016). Dit geldt voor mannen en vrouwen, volwassenen en kinderen en zowel in ontwikkelde als minder ontwikkelde landen (Ortega et al. 2016). Bij een BMI van hoger dan 25 is er volgens de Hartstichting (Hartstichting 1) sprake van overgewicht. Bij een BMI van boven de 30 is er sprake van Obesitas (Hartstichting 2).

Obesitas is een belangrijke risicofactor voor het ontwikkelen van hart- en vaatziekten (Balakumar et al. 2016), en obesitas verhoogt het risico op hoge bloeddruk en een hoog cholesterol, welke ook weer risicofactoren zijn voor hart- en vaatziekten (Hartstichting 3).

Het risico op overlijden aan hart- en vaatziekten neemt toe naarmate iemand langer obesitas heeft (Ortega et al. 2016). Obesitas vergroot verschillende risico’s voor hart- en vaatziekten, zoals een hoge bloeddruk en insuline resistentie (van Gaal et al. 2006).
De belasting van het hart is vaak groter bij Obesitas patiënten, omdat obesitas zorgt voor een toename van de totale hoeveelheid bloed en een toename van het hartminuutvolume, de hoeveelheid bloed die het hart gedurende een minuut wegpompt (Lavie et al. 2009).
Gewichtsverlies zorgt voor een afname van risicofactoren voor hart- en vaatziekten, bijvoorbeeld door een verlaagde bloeddruk (Zomer et al. 2016). Dit geldt zowel voor licht gewichtsverlies, minder dan 5% van het lichaamsgewicht, en gematigd gewichtsverlies, 5 tot 10% van het lichaamsgewicht (Zomer et al. 2016). Het voorkomen van obesitas is effectiever om te zorgen voor een verlaagd risico op hart- en vaatziekten, maar ook afvallen werkt risico verlagend. Uit onderzoek is gebleken dat een goede cardiorespiratoire fitheid, het vermogen van het hart- en vaatstelsel, het ademhalingsstelsel en de spieren om zuurstof te leveren tijdens constante inspanning (Lee et al. 2010) de negatieve effecten van obesitas kan verminderen (Ortega et al. 2016). Dit wordt ook wel “Fat-but-Fit” genoemd (Ortega et al. 2016). Niet iedereen met obesitas loopt dus een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.

Als masseur kunt u cliënten met obesitas wijzen op de risico’s hiervan en kunt u uw cliënten aansporen hun huisarts of diëtist te bezoeken om de mogelijkheden om af te vallen te bespreken.

Conclusie

Er zijn verschillende risicofactoren voor hart- en vaatziekten, maar veel risico’s kunnen verminderd worden door middel van leefstijlinterventies. Zo dragen niet roken, genoeg bewegen en niet te veel tijd sedentair doorbrengen, gezond eten en het voorkomen van Obesitas bij aan het verlagen van de risico’s voor hart- en vaatziekten. Ook blijkt dat een leefstijlverbetering, zoals stoppen met roken en afvallen, bijdraagt aan het verminderen van de risico’s, ook wanneer iemand eerder wel rookte of obesitas had. Leefstijladviezen zijn daarom een belangrijk middel voor het voorkomen van hart- en vaatziekten en zijn op iedereen van toepassing. Als masseur kunt u uw cliënten wijzen op deze leefstijladviezen voor de preventie van hart- en vaatziekten, niet alleen de cliënten met een verhoogd risico.

Over de auteur

Hessel Stuurman is bewegingswetenschapper. Hij schrijft o.a. voor Masseurs Netwerk Nederland artikelen.

© Masseurs Netwerk Nederland 2019. Alle rechten voorbehouden. www.masseursnetwerk.nl
Overname van het artikel op individuele websites en social media sites is niet toegestaan.
U wordt uitgenodigd een directe link naar het artikel op de website www.masseursnetwerk.nl op uw website op te nemen en de link naar het artikel te delen op social media.

Referenties

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport: Maatregelen in het Nationaal Preventieakkoord. Geraadpleegd van: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/gezondheid-en-preventie/nationaal-preventieakkoord

Buddeke J, Van Dis I, Visseren FLJ, Vaartjes I, Bots ML (2017): Hart- en vaatziekten in Nederland 2017, cijfers over leefstijl, risicofactoren, ziekte en sterfte. Den Haag: Hartstichting, 2017

American Heart Association (2018): Heart Disease and Stroke Statistics 2018 At-a-Glance. Geraadpleegd van: https://www.heart.org/-/media/data-import/downloadables/heart-disease-and-stroke-statistics-2018—at-a-glance-ucm_498848.pdf

World Health Organization (2017): Cardiovascular diseases (CVDs). Geraadpleegd van: https://www.who.int/news-room/fact-sheets/detail/cardiovascular-diseases-(cvds)

Eurostat (2018): Cardiovascular diseases statistics. Geraadpleegd van: https://ec.europa.eu/eurostat/statistics-explained/index.php/Cardiovascular_diseases_statistics#Deaths_from_cardiovascular_diseases

American Heart Association (2017): Heart Disease and Stroke Statistics 2017 At-a-Glance. Geraadpleegd van: https://healthmetrics.heart.org/wp-content/uploads/2017/06/Heart-Disease-and-Stroke-Statistics-2017-ucm_491265.pdf

RIVM: kosten van zorg voor hart- en vaatziekten. Geraadpleegd van: https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/hart-en-vaatziekten/kosten/kosten#node-kosten-van-zorg-voor-hart-en-vaatziekten

Thuisarts: Hartfalen. Geraadpleegd van: https://www.thuisarts.nl/hartfalen

Ramani, G. V., Uber, P. A., & Mehra, M. R. (2010): Chronic heart failure: contemporary diagnosis and management. In Mayo Clinic Proceedings (Vol. 85, No. 2, pp. 180-195). Elsevier.

Roger, V. L. (2013): Epidemiology of heart failure. Circulation research, 113(6), 646-659.

Brouwer, E. D., Watkins, D., Olson, Z., Goett, J., Nugent, R., & Levin, C. (2015): Provider costs for prevention and treatment of cardiovascular and related conditions in low-and middle-income countries: a systematic review. BMC Public Health, 15(1), 1183.

Mayoclinic (2017): Heart Failure. Geraadpleegd van: https://www.mayoclinic.org/diseases-conditions/heart-failure/diagnosis-treatment/drc-20373148
Hartstichting 1: Ken je getallen. Geraadpleegd van: https://www.hartstichting.nl/risicofactoren/ken-je-getallen
Balakumar, P., Maung-U, K., & Jagadeesh, G. (2016): Prevalence and prevention of cardiovascular disease and diabetes mellitus. Pharmacological research, 113, 600-609.

Leong, D. P., Joseph, P. G., McKee, M., Anand, S. S., Teo, K. K., Schwalm, J. D., & Yusuf, S. (2017): Reducing the global burden of cardiovascular disease, part 2: prevention and treatment of cardiovascular disease. Circulation research, 121(6), 695-710.

Fokkema, M. R., Muskiet, F. A. J., & van Doormaal, J. J. (2005): Leefstijlinterventie ter preventie van hart-en vaatziekten. Nederlands tijdschrift voor geneeskunde, 149(47), 2607.

den Engelsen, C., Salomé, P., & Rutten, G. (2014): Preventie van diabetes en hart-en vaatziekten. Huisarts en wetenschap, 57(4), 174-178.

Stewart, J., Manmathan, G., & Wilkinson, P. (2017): Primary prevention of cardiovascular disease: A review of contemporary guidance and literature. JRSM cardiovascular disease, 6, 2048004016687211.

Poirier, P., Giles, T. D., Bray, G. A., Hong, Y., Stern, J. S., Pi-Sunyer, F. X., & Eckel, R. H. (2006): Obesity and cardiovascular disease: pathophysiology, evaluation, and effect of weight loss: an update of the 1997 American Heart Association Scientific Statement on Obesity and Heart Disease from the Obesity Committee of the Council on Nutrition, Physical Activity, and Metabolism. Circulation, 113(6), 898-918.

Ambrose, J. A., & Barua, R. S. (2004): The pathophysiology of cigarette smoking and cardiovascular disease: an update. Journal of the American college of cardiology, 43(10), 1731-1737.

Messner, B., & Bernhard, D. (2014): Smoking and cardiovascular disease: mechanisms of endothelial dysfunction and early atherogenesis. Arteriosclerosis, thrombosis, and vascular biology, 34(3), 509-515.

Pan, A., Wang, Y., Talaei, M., & Hu, F. B. (2015): Relation of smoking with total mortality and cardiovascular events among patients with diabetes mellitus: a meta-analysis and systematic review. Circulation, 132(19), 1795-1804.

Vidyasagaran, A. L., Siddiqi, K., & Kanaan, M. (2016): Use of smokeless tobacco and risk of cardiovascular disease: a systematic review and meta-analysis. European journal of preventive cardiology, 23(18), 1970-1981.

American Cancer Society (2015): Health Risks of Smokeless Tobacco. Geraadpleegd van: https://www.cancer.org/cancer/cancer-causes/tobacco-and-cancer/smokeless-tobacco.html

de Boer, A. (2016): Risicoprofilering bij hart-en vaatziekten. Huisarts en wetenschap, 59(5), 217-217.

Ravera, A., Carubelli, V., Sciatti, E., Bonadei, I., Gorga, E., Cani, D., … & Lombardi, C. (2016): Nutrition and cardiovascular disease: finding the perfect recipe for cardiovascular health. Nutrients, 8(6), 363.

Dobrosielski, D. A., Papandreou, C., Patil, S. P., & Salas-Salvadó, J. (2017): Diet and exercise in the management of obstructive sleep apnoea and cardiovascular disease risk. European Respiratory Review, 26(144), 160110.

Piepoli, M. F., Hoes, A. W., Agewall, S., Albus, C., Brotons, C., Catapano, A. L., … & Graham, I. (2016): 2016 European Guidelines on cardiovascular disease prevention in clinical practice: The Sixth Joint Task Force of the European Society of Cardiology and Other Societies on Cardiovascular Disease Prevention in Clinical Practice (constituted by representatives of 10 societies and by invited experts) Developed with the special contribution of the European Association for Cardiovascular Prevention & Rehabilitation (EACPR). European heart journal, 37(29), 2315-2381.

Eckel, R. H., Jakicic, J. M., Ard, J. D., De Jesus, J. M., Miller, N. H., Hubbard, V. S., … & Nonas, C. A. (2014): 2013 AHA/ACC guideline on lifestyle management to reduce cardiovascular risk: a report of the American College of Cardiology/American Heart Association Task Force on Practice Guidelines. Journal of the American College of Cardiology, 63(25 Part B), 2960-2984.

Geleijnse, M. (2016): Goede voeding voor het hart: zorg dat het klopt. Wageningen University & Research.

Preller, L., Schaars, D., Rijnbeek, P., & Barten, M. (2018): Bewegen: een medicijn voor veel aandoeningen. Bijblijven, 34(5), 345-357.

Alves, A. J., Viana, J. L., Cavalcante, S. L., Oliveira, N. L., Duarte, J. A., Mota, J., … & Ribeiro, F. (2016): Physical activity in primary and secondary prevention of cardiovascular disease: Overview updated. World journal of cardiology, 8(10), 575.

NHG (2015): Bewegingsnormen. Geraadpleegd van: https://www.nhg.org/sites/default/files/content/nhg_org/uploads/bijlage_5_zorgmodule_leefstijl.pdf

Després, J. P. (2016): Physical activity, sedentary behaviours, and cardiovascular health: when will cardiorespiratory fitness become a vital sign?. Canadian Journal of Cardiology, 32(4), 505-513.

Ortega, F. B., Lavie, C. J., & Blair, S. N. (2016): Obesity and cardiovascular disease. Circulation research, 118(11), 1752-1770.

Hartstichting 2: Overgewicht. Geraadpleegd van: https://www.hartstichting.nl/getmedia/16292ab9-600d-469d-98ab-a134425e4d09/brochure-hartstichting-overgewicht.pdf

Hartstichting 3: Risicofactoren. Geraadpleegd van: https://www.hartstichting.nl/risicofactoren

Van Gaal, L. F., Mertens, I. L., & Christophe, E. (2006): Mechanisms linking obesity with cardiovascular disease. Nature, 444(7121), 875.

Lavie, C. J., Milani, R. V., & Ventura, H. O. (2009): Obesity and cardiovascular disease: risk factor, paradox, and impact of weight loss. Journal of the American college of cardiology, 53(21), 1925-1932.

Zomer, E., Gurusamy, K., Leach, R., Trimmer, C., Lobstein, T., Morris, S., … & Finer, N. (2016): Interventions that cause weight loss and the impact on cardiovascular risk factors: a systematic review and meta‐analysis. Obesity reviews, 17(10), 1001-1011.
Lee, D. C., Artero, E. G., Sui, X., & Blair, S. N. (2010): Mortality trends in the general population: the importance of cardiorespiratory fitness. Journal of psychopharmacology, 24(4_suppl), 27-35.

MNN op bezoek bij Priscilla Konings

In haar mooie nieuwe praktijk is fysiotherapeute Priscilla sinds november 2018 actief. Ze hanteert diverse methoden, zoals massagetherapie, mindfulness, fysiotherapie en life coaching. Het nieuwe logo dat Priscilla heeft laten maken geeft precies aan waar ze voor staat en wat klanten van haar mogen verwachten. Priscilla: “In het logo zie je een zittend persoon, die centraal staat en rust uitstraalt. Ik wil met het logo ook graag de verbinding weergeven tussen body en mind. Dit is voor mij heel belangrijk als uitgangspunt in de (holistische) benadering van mijn cliënten en om zo een duurzaam behandelresultaat te bereiken”.

Just Relax!

Inleiding

Toen Priscilla 14 jaar oud was speelde ze zeer fanatiek korfbal bij korfbalvereniging Springfield in Hoeven. Destijds raakte zij geblesseerd aan haar knie en kwam onder behandeling bij de plaatselijke fysiotherapeut. “Hij zorgde ervoor dat mijn knieklachten verdwenen en ik weer snel kon gaan sporten. Dit vond ik toen zo mooi, dat ik vanaf dat moment ook fysiotherapeut wilde worden om anderen ook van hun klachten af te kunnen helpen”.

Priscilla maakte op de middelbare school een bewuste keuze voor het profiel Natuur en gezondheid om zo de instroom naar de opleiding Fysiotherapie mogelijk te maken. Zo begon ze in 2008 met de opleiding Fysiotherapie bij Thim van der Laan. In de opleiding bestaat ook de mogelijkheid tot het behalen van het certificaat Sportmassage. Na het behalen hiervan in 2009 is ze gaan werken bij wellnesscentrum Trivium in Etten-Leur. Hier maakte ze kennis met diverse massagemethoden, zoals Ontspanningsmassage, Hotstonemassage en diverse vormen van Wellnessmassage. “Ik was direct gegrepen door het massagevirus en heb daarom in 2010 mijn massagepraktijk (“Massagepraktijk Pris”) opgericht. Na het afronden van mijn opleiding Fysiotherapie in 2012 heb ik me verder geschoold in de psychogeriatrie en mindfulness. Op dit moment ben ik bezig met een opleiding Life-Coach en recentelijk heb ik de Resetmethode geleerd”.

Van massagepraktijk Pris naar Praktijk Just Relax

Vanaf 2012 was Priscilla direct werkzaam in de eerste en tweede lijn als fysiotherapeut en zoals gezegd vanaf 2010 met haar massagepraktijk Pris. “Ik heb met heel veel plezier mijn werk als fysiotherapeut kunnen doen. Omdat het echter in mijn massagepraktijk ook steeds drukker werd, heb ik in november 2018 de balans voor mezelf opgemaakt en goed nagedacht wat ik zelf nu graag zou willen”. Priscilla constateerde dat ze heel erg graag tijd wil nemen voor haar klanten en dat ze hen graag wil helpen aan een duurzame, blijvende oplossing van hun klachten. Als fysiotherapeut had ze vaak onvoldoende tijd voor haar cliënten om hen echt goed te kunnen helpen. “Heel veel patiënten hebben stress gerelateerde klachten. Als fysio kon ik dan wel het gevolg ervan wegnemen, zoals bijvoorbeeld lage rug, schouder- en nekklachten, maar kon ik eigenlijk niet werken aan de oorzaak, waardoor de klachten ook vaak terugkwamen. Dat voelde voor mij onbevredigend”.

In haar praktijk werkt ze momenteel al 20-25 uur. Vrijwel volledig overdag onder schooltijd van haar kinderen. Op dinsdagavond is Priscilla ook beschikbaar voor klanten die overdag door de week geen tijd hebben.

Priscilla heeft zich in het bijzonder gespecialiseerd op het gebied van stress. Ze merkt dat men vaak pas aan de bel trekt als het te laat is. Priscilla: “Heb je regelmatig hoofdpijn, heb je concentratieproblemen, weet je niet goed hoe je om moet gaan met de alle drukte van werk en privé, denk dan eens aan mogelijke signalen van stress en burn-out. Ik heb veel handvatten om mijn cliënten hiermee te helpen”.

Persoonlijke aandacht

“Mijn uitgangspunt is dat iedereen uniek is en zijn of haar eigen “verhaal” heeft. Bij mij mag iedereen zijn wie hij is. Ik creëer in mijn behandelingen een veilige omgeving.” Priscilla werkt vanuit haar gevoel en neemt ruim tijd voor haar cliënten. In haar praktijk zorgt ze voor een ontspannen sfeer, o.a. door het gebruik van specifieke geuren. Ze hoort vaak van haar klanten terug dat ze dat prettig vinden. Priscilla: “Ik bied graag een luisterend oor en cliënten voelen zich bij mij snel op hun gemak.  Ik wil er voor zorgen dat iemand zijn eigen beslissingen neemt en uiteindelijk een deel van de klachten zelf oplost. Daarnaast geef ik soms net even dat duwtje wat het lichaam of de persoon nodig heeft om van de klachten af te komen”.

Behandeling

Haar behandelingen zijn steeds anders en afhankelijk van de specifieke situatie van haar cliënt. Priscilla maakt gebruik van al haar vaardigheden en maakt daar een passende “mix” van. Dit alles om een optimaal behandelresultaat te bereiken. Mindfulness, gesprekstechnieken, fysiotherapeutische technieken en massagetherapie, alles wordt op een passende manier toegepast ten dienste van de cliënt. “In mijn massages combineer ik alle technieken die ik heb geleerd op mijn eigen manier. Elke massage die ik geef is daarom echt maatwerk en helemaal aangepast aan mijn cliënt voor dat moment”. Mijn klanten hebben zoveel baat bij massage, echt geweldig! Eigenlijk zou massage ter preventie standaard vergoed moeten worden door de ziektekostenverzekeraar!” Nu is dat in Nederland natuurlijk helaas niet het geval, preventieve massages moeten nog door iedereen zelf worden betaald. De behandelingen van Priscilla die ze geeft als natuurgeneeskundig therapeut (Priscilla is aangesloten bij de BATC) worden deels wel vergoed vanuit de aanvullende verzekering.

Tenslotte

Priscilla wil zich de komende jaren verder gaan verdiepen op psychosociaal vlak en in de kinesiologie. Met haar specifieke kennis, opleiding en ervaring zal zij zich elke dag weer volledig inzetten voor haar klanten. Masseurs Netwerk Nederland wenst Priscilla heel veel succes in haar nieuwe massagepraktijk.

Meer informatie en afspraken:

www.praktijkjustrelax.nl

Ook met uw massagepraktijk in deze rubriek? Neem dan contact met ons op.

Cervicale en thoracale wervelkolom: Onderzoek, differentiatie en behandeling

Datum: 22-11-2019 van 19:30 tot 21:30
Locatie: Sportpark Vierhoeven, Nispenseweg 3, 4707 RA Roosendaal
Kosten: € 12,40 excl. btw

aanmelden

Inleiding

De halswervelkolom en borstwervelkolom zijn delen van het menselijk lichaam waar veelvuldig klachten kunnen optreden. De voornaamste oorzaak hiervoor is de huidige maatschappij, waarbij mobiele telefoons, iPads en computers niet meer weg te denken zijn en er steeds minder wordt bewogen.

Doel van de bijeenkomst

Het voornaamste doel van deze bijeenkomst is meer kennis vergaren van zowel de cervicale als de thoracale wervelkolom. Welke structuren lopen er en welke klachten kunnen er ontstaan?
Na deze bijeenkomst ben je als sport(zorg)masseur op de hoogte van de meest voorkomende klachten in de nek en bovenrug en ben je in staat een juiste inschatting te maken of je zelf een behandeltraject kan starten of dat verdere diagnostiek nodig is.

Inhoud

  • Anatomie cervicale en thoracale wervelkolom
  • Differentiaal diagnostiek
  • Onderzoek
  • Mogelijke behandelvormen

Docent

De bijeenkomst zal worden verzorgd door Erwin Adan, fysiotherapeut en manueel therapeut MSc bij Fysiotherapie Zeeland en topsporter. Erwin is een atleet gespecialiseerd in de middellange afstand en werkt als fysiotherapeut met (top)sporters uit allerlei takken van sport. Hij schrijft artikelen en geeft lezingen en workshops voor Masseurs Netwerk Nederland.

Achillespeesklachten: onderzoek, differentiatie en behandeling

Datum: 13-09-2019 van 19:30 tot 21:30
Locatie: Sportpark Vierhoeven, Nispenseweg 3, 4707 RA Roosendaal
Kosten: € 12,40 excl. btw

aanmelden

Inleiding

De achillespees is de dikste en sterkste pees uit het menselijk lichaam. Desondanks is het wel de pees waarin de meeste rupturen optreden; dit komt door de immense krachten waar de pees mee te maken krijgt bij bijvoorbeeld hardlopen. Behalve rupturen kunnen er meerdere klachten ontstaan in de achillespees. Hierbij moet onderscheid gemaakt worden tussen klachten van de achillespees zelf en klachten van structuren rondom de achillespees. Vooral hardlopers krijgen veel te maken met achillespeesklachten: 6,5 – 11% van de blessures bij hardlopers heeft te maken met de achillespees.

Doel van de bijeenkomst

Hoe vaak komt het niet voor dat er een sporter op de massagetafel ligt die klachten aangeeft aan de achillespees? Als sport(zorg)masseur speel je zowel preventief als in het hersteltraject van een geblesseerde sporter een belangrijke rol. Het in een vroeg stadium herkennen van een klacht en hierbij op de juiste manier handelen kan een sporter een flinke blessureperiode besparen.
Het doel van deze bijeenkomst is dan ook inzicht te krijgen in de verschillende aandoeningen van en rondom de achillespees, het kunnen behandelen van veroorzakers van de klacht en het kunnen voorkomen van een recidief.

Inhoud

  • Anatomie
  • Risicofactoren achillespeesklachten
  • Differentiatie achillespeesklachten
  • Onderzoek & Behandeling achillespees tendinopathie

Docent

De bijeenkomst zal worden verzorgd door Erwin Adan, fysiotherapeut en manueel therapeut bij Fysiotherapie Zeeland en topsporter. Erwin is een atleet gespecialiseerd in de middellange afstand en werkt als fysiotherapeut met (top)sporters uit allerlei takken van sport. Hij schrijft artikelen en geeft lezingen en workshops voor Masseurs Netwerk Nederland.

Presentatie Lage rugklachten: Onderzoek, Differentiatie en Behandeling

Hier kan je de presentatie bekijken van de netwerkbijeenkomst “Lage rugklachten: Onderzoek, Differentiatie en Behandeling”.

Masseurs Netwerk Nederland is er voor de massageprofessional en zij die dat willen worden. Sta je achter de doelstellingen van dit platform, doe dan mee en word lid!
Ben je al lid dan stellen wij het bijzonder op prijs als je collega masseurs informeert over Masseurs Netwerk Nederland en hen vraagt ook lid te worden.
Samen met alle masseurs in Nederland maken we Masseurs Netwerk Nederland tot een groot succes!

Beweegpatronen en (voorkomen van) sportblessures

 

Datum:  10 mei 2019 19:30 – 21:30 uur
Locatie: MSP Opleidingen, Rooseveltstraat 12, Leiden
Kosten: € 12,40 excl. btw

aanmelden

Inleiding

Als professional op het gebied van sport en bewegen is het beoordelen van een beweegpatroon uiterst belangrijk. Een goed inzicht in het beweegpatroon kan helpen bij het herstel van sportblessures, het verbeteren van (sport)prestaties en het voorkomen van het ontstaan van nieuwe blessures.  Echter, het beoordelen van het beweegpatroon is niet eenvoudig: wat is voor welke persoon een “natuurlijk” beweegpatroon?  En hoe kan je je kennis van en inzicht in beweegpatronen inzetten in je behandeling en advisering van je cliënten?

Doel / inhoud

Als masseur zijnde krijg je veel cliënten met sportspecifieke blessures op je behandeltafel.
Waarschijnlijk ben je ervaren genoeg om deze blessures te behandelen tijdens je massage. Wat weet je echter van de oorzaken van een blessure en de eventuele rol hierbij van beweegpatronen? En, wat zou het niet mooi zijn als jij met jouw behandelingen en advisering een bijdrage zou kunnen leveren aan het voorkomen van de klachten en blessures? Vooral als het een vaak terugkerend probleem is. Immers, het is fijn als je de cliënt tijdelijk kan helpen, maar het is nog leuker als je kan voorkomen dat de blessures weer opnieuw optreden!

Hoe kan je dat nu beter doen dan door te kijken hoe iemand eigenlijk beweegt vanuit zijn natuur: zowel in zijn dagelijks (werkend) leven, maar ook in zijn sportactiviteit. Misschien zie je wel iets opmerkelijks wat de klachten kan veroorzaken en kan je daar op inspelen in je behandelingen en advisering.

Onderwerpen die aan bod komen:

  • Anatomische houding in beweegpatronen
  • Veel voorkomende blessures (bij veel voorkomende sporten)
  • Observeren eigen houding cliënt
  • Observeren beweegpatroon tijdens sporten
  • Tips voor doorverwijzen

Docent

De interactieve netwerkbijeenkomst wordt gegeven door Laura Visser. Laura is oefentherapeut Mensendieck en werkzaam in haar eigen praktijk in Volendam en als Kinderoefentherapeut in een groepspraktijk in Heerhugowaard.

Daarnaast is zij sportmasseur, examinator sportmassage ACE en docent Anatomie en Fysiologie bij de opleiding Sportmassage.

Links

Webcast duurzaam veranderen beweegpatronen

Artikel Duurzaam veranderen van beweegpatronen

Artikel: Nieuwe praktische en relevante inzichten techniektraining (artikel linksboven, met dank aan Sportgericht)

Massage en advisering bij cliënten met slaapproblemen

 

Datum: 8 maart 2019 19:30 – 21:30 uur
Locatie: MSP Opleidingen, Rooseveltstraat 12, Leiden
Kosten: € 12,40 excl. btw

aanmelden

Inleiding

In Nederland heeft 20 tot 30% van de volwassenen last van slaapproblemen. Slaapproblemen komen vaker voor bij vrouwen en nemen toe bij het ouder worden. Dat dit gevolgen heeft voor de kwaliteit van leven door bijvoorbeeld vermoeidheid overdag, het minder goed om kunnen gaan met stress, verstoring van het cognitief functioneren en het minder goed functioneren van het immuunsysteem, zal duidelijk zijn. Als de slaapproblemen ernstig van aard zijn en het veranderen van slaapgewoontes niet werkt, wordt de oplossing momenteel vaak gezocht in het gebruik van slaapmiddelen. Mensen kunnen echter afhankelijk worden van deze slaapmiddelen en bovendien kunnen slaapmiddelen bijwerkingen hebben. Meer dan 2 miljoen mensen in Nederland zijn inmiddels verslaafd aan slaapmedicatie. Het gebruik van massages kan mogelijk een veel betere oplossing zijn voor mensen met slaapproblemen.

Doel / inhoud

Als masseur zijnde kan het zijn dat je veel vragen krijgt over de klachten van je cliënt. Op sommige vragen kan je gemakkelijk antwoord geven, zoals lichamelijke klachten als pijn in de rug en schouders.
Als mensen echter diepere problematiek hebben zoals moeite met slapen, kan het echter moeilijk zijn om gericht advies te geven. En kan je überhaupt wat met slaapproblemen als masseur? Komen ze direct bij jou met deze hulpvraag of komt het toevallig ter sprake?
En wat zou je dan kunnen adviseren aan deze cliënt en kan je misschien je massage zo aanpassen dat je de slaapproblemen een beetje kan beïnvloeden. Alle kleine beetjes helpen en dat zal de cliënt ook zo ervaren!

Onderwerpen die aan bod komen:

  • de meest voorkomende slaapproblemen
  • slaapstadia/ slaapcycli
  • klachten bij slaapproblemen die je als masseur (secundair) kan beïnvloeden
  • tips en trics voor de massagebehandeling
  • tips voor doorverwijzen

Docent

De interactieve netwerkbijeenkomst wordt gegeven door Laura Visser. Laura is oefentherapeut Mensendieck en werkzaam in haar eigen praktijk in Volendam en als Kinderoefentherapeut in een groepspraktijk in Heerhugowaard.
Als slaapoefentherapeut kijkt Laura niet alleen naar de slaapproblemen. Er wordt door de slaapoefentherapeut onderzocht waar de slaapproblemen vandaan kunnen komen, hoe het dagelijkse leven van de patiënt eruit ziet en wat voor invloed dat heeft de nachtrust. Het slaap-waakritme wordt dus volledig in beeld gebracht.
Tevens kijkt ze naar andere mogelijkheden gekeken om de slaap te verbeteren, zonder dat er direct naar medicatie wordt gekregen. Hierdoor wordt de patiënt zich bewuster, waardoor hij zelf zijn slaap-waakritme kan beïnvloeden en daarmee zijn kwaliteit van slaap kan verbeteren.

Laura is bovendien sportmasseur, examinator sportmassage ACE en docent Anatomie en Fysiologie bij de opleiding Sportmassage.

Links

Artikel massage ter bevordering van de slaapkwaliteit 
(Gratis voor premium leden, je kunt het artikel hier bestellen)

Cliëntenfolder Massage bij slaap problemen

Slaapcoach

 

Onderzoek maag-darmklachten bij hardlopen

Het lopen van een marathon wordt steeds populairder.

Naast de vele positieve gezondheidseffecten van duurinspanning, kan duurinspanning ook gepaard gaan met maag-darmklachten. Zo’n 30-90% van de hardlopers heeft last van maag-darmklachten tijdens of in de uren na het hardlopen.

Het ontstaan van maag-darmklachten heeft waarschijnlijk te maken met de herverdeling van het bloedvolume, resulterend in minder bloedtoevoer naar het spijsverteringskanaal en een minder goed functionerende darmbarrière. Doordat de darmbarrière minder goed functioneert kunnen er ongewenste stoffen (endotoxinen) de bloedbaan intreden en voor ontstekingsreacties zorgen. De vele micro-organismen in onze darm, gezamenlijk onze darmmicrobiota genoemd, zijn van invloed op de voedselvertering, maar ook op het functioneren van de cellen die de darmwand bekleden en de verbindingen tussen deze cellen.

Mogelijk hebben hardlopers met maag-darmklachten tijdens duurinspanning te maken met een afwijkende samenstelling van de darmmicrobiota en/of metabolieten ten opzichte van hardlopers zonder klachten, waardoor de darmbarrière minder goed functioneert en er problemen kunnen optreden.

Vandaar dat het voornaamste doel van ons onderzoeksproject is om te onderzoeken of er een relatie bestaat tussen de samenstelling van de darmmicrobiota en/of metabolieten en het ontstaan van maag-darmklachten tijdens duurinspanning. Dit onderzoek zullen wij uitvoeren voorafgaand aan en tijdens de halve of hele marathon van Leiden.

Deelnemen aan het onderzoek

Bent u enthousiast over ons project, wilt u weten of u een geschikte deelnemer bent en/of wilt u meer informatie, neem dan contact op met Dr. Dionne Noordhof, bereikbaar op noordhof.d@hsleiden.nl of meldt u aan via https://marathon.nl/onderzoek/

Hypoglycemie: Wat masseurs en Diabetespatiënten moeten weten

Artikel vertaald door masseurs netwerk Nederland en gepubliceerd op www.masseursnetwerk.nl met toestemming van de auteur

Inleiding

Hypoglycemie is de toestand waarbij de bloedsuikerspiegel daalt tot onder 70 mg / dl. De mate van bewustzijn van, en het vermogen om symptomen van hypoglycemie te herkennen verschilt tussen diabetici , terwijl hypoglycemie een zeer ernstige en potentieel levensbedreigende aandoening is. Vooral patiënten die insuline gebruiken raad ik aan om de bloedglucosespiegel altijd te testen voor een massage.

Hyperglycemie is de term die wordt gebruikt bij hoge glucosewaarden in het bloed. Dit is de bepalende aandoening bij diabetes. De hoeksteen van de behandeling is het monitoren en onder controle houden van de suikergehaltes, om ze dicht bij een normaal bereik van 80-120 mg / dl te houden. Veel factoren beïnvloeden de bloedglucosewaarden, waaronder insulineniveaus, voedselinname en mate van activiteit en stresshormonen.

Informele studie

In een informele studie die in 1999-2000 werd uitgevoerd, boden enkele van mijn massage studenten massagesessies van een uur aan diabetici aan. In meer dan 40 geregistreerde sessies hebben cliënten hun bloedsuikerspiegel gecontroleerd voor en na de sessie. In het algemeen daalden de bloedsuikers met 20-40 punten tijdens het uur, wat vergelijkbaar is met de daling die wordt ervaren bij matige activiteit. Maar de algemene resultaten, gecompliceerd door de variabiliteit van individuele medicatie, dieet en bewegingsregimes, waren verrassend voor zowel masseurs als cliënten. We hebben veranderingen van maar liefst 100 punten afname opgemerkt, evenals een verhoging met 100 punten. Deze wijzigingen waren waarschijnlijk niet toe te schrijven aan de massage zelf; ze waren eerder het gevolg van de variabiliteit van de insulinedosering voorafgaand aan de massage, of van de effecten van lichaamsbeweging of voedsel op bloedglucoseniveaus.

Testen bloedglucose

Wat dit onderzoek echter wel bevestigde, was de wijsheid van het testen van bloedglucose voor en na massage. Wanneer mensen met diabetes herhaalde behandelingen krijgen, begrijpen ze hun reactie op massage en passen ze overeenkomstig hun insulinedosering aan. Ik weet bijvoorbeeld dat ik zelf neig naar een daling van 30-40 punten tijdens een ontspannende massagesessie van een uur, dus als mijn bloedsuikerspiegel lager is dan 120 mg / dl, heb ik meestal een glas sap bij de hand om tijdens de sessie te drinken. Overigens, als masseur die ook diabeet is, pas ik dezelfde regel toe en heb ik meestal sap beschikbaar wanneer ik een sessie geef.

Symptomen

Vanwege de vaak onvoorspelbare aard van de ziekte, is het belangrijk voor de masseur om de tekenen en symptomen van hypoglycemie te herkennen:

  • Overmatig zweten (huid kan klam worden)
  • Zwakheid of hoofdpijn
  • Niet in staat om te ontwaken
  • Wazigheid: de persoon kan langzaam praten of zich langzaam bewegen, of niet in staat zijn om coherent te spreken. let op: dit zou verward kunnen worden met de meer typische ontspannen toestand die je ervaart na een massage.
  • Prikkelbaarheid
  • Verandering in persoonlijkheid
  • Hoge hartslag
Over de auteur

Mary Kathleen Rose, CMT, is al meer dan 20 jaar actief in het geven van massage en onderwijs op het gebied van massage en wellness.

Ze houdt toezicht op het massage programma bij HospiceCare in de Boulder en Broomfield Counties in Colorado en is de ontwikkelaar van Comfort Touch: Verzorgende Acupressuur voor Ouderen en Zieken. Ze is de auteur van de Gift of Touch, Rouwverwerking: omgaan met rouw en verlies, en producent van de video Comfort Touch Massage voor ouderen en zieken. Ze is te bereiken op www.comforttouch.com.

 

Presentatie Knieklachten: Onderzoek, differentiatie en behandeling

Hier kan je de presentatie bekijken van de netwerkbijeenkomst “Knieklachten: Onderzoek, differentiatie en behandeling”.

Masseurs Netwerk Nederland is er voor de massageprofessional en zij die dat willen worden. Sta je achter de doelstellingen van dit platform, doe dan mee en word lid!
Ben je al lid dan stellen wij het bijzonder op prijs als je collega masseurs informeert over Masseurs Netwerk Nederland en hen vraagt ook lid te worden.
Samen met alle masseurs in Nederland maken we Masseurs Netwerk Nederland tot een groot succes!